ECLI:NL:RBZWB:2018:6484
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding opleidingskosten PTSS-hulphond op grond van Wmo 2015
Eiser vroeg vergoeding van kosten voor een PTSS-hulphond en de daarbij behorende opleiding op grond van de Wmo 2015. Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg wees deze aanvraag af. Eiser stelde dat de PTSS-hulphond essentieel is voor zijn zelfredzaamheid en participatie vanwege zijn angst- en paniekaanvallen, wanen en suïcidale gedachten. De rechtbank stelde vast dat de vergoeding voor de aanschaf van de hond niet langer in geschil was, maar dat het geschil zich beperkte tot de opleidingskosten.
De rechtbank verwees naar een vergelijkbare uitspraak van de Centrale Raad van Beroep waarin werd geoordeeld dat onvoldoende is aangetoond dat een PTSS-hulphond een meerwaarde heeft ten opzichte van een gewone hond. De door eiser overgelegde onderzoeken waren te algemeen en boden geen vergelijking met een gewone hond. Ook de verklaring van de psycholoog was onvoldoende specifiek en onderbouwde niet de noodzaak van een PTSS-hulphond boven een gewone hond.
Eiser kon niet aantonen dat de pup na de opleidingsperiode en therapie noodzakelijk zou blijven. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat gemeenten beleidsvrijheid hebben en verschillende afwegingen kunnen maken. De rechtbank concludeerde dat het college terecht de aanvraag heeft geweigerd en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van vergoeding voor opleidingskosten PTSS-hulphond wordt ongegrond verklaard.