Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
- de processtukken zoals opgenomen in het dossier van de rechtbank in de hoofdzaak;
- het wrakingsverzoek, zoals dit blijkt uit de fax van de raadsman van verzoekster van 23 juni 2014;
- de schriftelijke reactie op het verzoekschrift, van 30 juni 2014, van de gewraakte voorzieningenrechter, waarin hij laat weten dat hij niet ter zitting van de wrakingskamer zal verschijnen;
- de schriftelijke reactie op het verzoekschrift, van 8 juli 2014, van de gemachtigde van de wederpartij in de hoofdzaak;
- de aanvullend stuk, met bijlagen, van verzoekster van 8 juli 2014;
- de behandeling van het wrakingsverzoek door de wrakingskamer ter zitting van 9 juli 2014, waarbij aanwezig waren de raadsman van verzoekster, prof. mr. H. Loonstein, advocaat te Amsterdam (hierna: Loonstein) en de gemachtigde van de wederpartij in de hoofdzaak, mr. O.J. Boeder, gerechtsdeurwaarder te Haarlem (hierna: Boeder);
- de bij die behandeling namens verzoekster door Loonstein overgelegde en voorgedragen pleitnota.
2.Het verzoek
3.Feiten
4.Standpunten partijen
- het verzoek om uitstel van de zitting niet is gehonoreerd, terwijl Loonstein niet rechtstreeks door de griffie van de rechtbank was geïnformeerd over dag en uur van de zitting;
- de voorzieningenrechter bij de beslissing om geen uitstel van de zitting te verlenen gebruik heeft gemaakt van informatie uit een dossier in een andere zaak, zonder dat verzoekster van deze informatie kennis heeft kunnen nemen, zodat geen hoor en wederhoor is toegepast.
- de beslissing om geen uitstel van de zitting te verlenen een processuele beslissing is;
- de verwijzing naar een andere zaak een openbare uitspraak van de wrakingskamer van deze rechtbank betrof, gepubliceerd op rechtspraak.nl onder nummer ECLI:NL:RBZWB:2014:3324, zodat hoor en wederhoor niet aan de orde waren.
5.Motivering
6.Beslissing
- wijst het verzoek tot wraking af;
- bepaalt dat de behandeling van de zaak met zaak-/rolnr.: 32105634 VV EXPL 14-62 zal worden voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van de schorsing wegens de indiening van dit verzoek.