ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ9159
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing ontruimingsvordering na ontbinding franchise- en huurovereenkomst wegens wanprestatie
Bart’s Retail had een franchise- en huurovereenkomst met de V.O.F. en haar vennoten, die stilzwijgend was verlengd tot 2014. Door wanbetaling en het staken van de exploitatie door de franchisenemer ontbond Bart’s Retail de overeenkomsten buitengerechtelijk per 3 april 2013.
De franchisenemer betwistte de wanbetaling en stelde dat Bart’s Retail onrechtmatig leveringen had gestaakt, maar de rechtbank oordeelde dat de wanbetaling vaststond en dat Bart’s Retail gerechtigd was de levering te staken. De ontbinding van de franchiseovereenkomst was daarmee gerechtvaardigd, waardoor ook de huurovereenkomst rechtsgeldig eindigde.
Bart’s Retail vorderde ontruiming van de bedrijfsruimte, staking van inbreukmakende activiteiten en een verbod op lasterlijke uitlatingen. De rechtbank wees deze vorderingen toe, met uitzondering van de geldvorderingen wegens onvoldoende spoedeisend belang. De gevorderde dwangsommen werden gematigd en aan maxima gebonden.
De rechtbank oordeelde dat het beding dat de huurovereenkomst zonder rechterlijke tussenkomst eindigt bij ontbinding van de franchiseovereenkomst rechtsgeldig was goedgekeurd op grond van artikel 7:291 BW Pro. Ook werd het belang van Bart’s Retail bij bescherming van haar reputatie zwaarder gewogen dan het recht op vrijheid van meningsuiting van de franchisenemer en diens gemachtigde.
De vorderingen tegen de vennoot die zich niet schuldig had gemaakt aan onrechtmatig gedrag werden afgewezen. De V.O.F., [vennoot 1] en diens gemachtigde werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de franchisenemer tot ontruiming en staking van activiteiten na ontbinding van de franchise- en huurovereenkomst wegens wanprestatie.