ECLI:NL:RBZUT:2012:BW4375
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling kinderalimentatie tijdens wettelijke schuldsanering met aanhouding voor rechter-commissaris
De vrouw verzoekt kinderalimentatie van de man die in de wettelijke schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) zit. Tijdens de echtscheiding was geen alimentatie vastgesteld vanwege een huwelijkse schuld die de man overnam. De WSNP werd van toepassing vóór 1 juli 2010, waardoor in het vrij te laten bedrag (VTLB) geen rekening werd gehouden met kinderalimentatie.
De rechtbank overweegt dat sinds een richtlijnwijziging na een Hoge Raad-uitspraak van november 2011 de rechter-commissaris discretionair kan beslissen of en hoeveel alimentatie in het VTLB wordt meegenomen. De familierechter beoordeelt zelfstandig de behoefte en draagkracht. De man heeft een bruto jaarinkomen van circa €27.216 en een draagkrachtruimte van €46 per maand na schuldenlast. De rechtbank houdt geen rekening met niet-onderbouwde schulden.
Gezien de WSNP loopt tot circa 1 oktober 2012, wordt de alimentatie voor die periode aangehouden om de man in de gelegenheid te stellen de rechter-commissaris te verzoeken het VTLB te verhogen met een alimentatiebedrag. Vanaf het einde van de WSNP is overeengekomen dat de man €190 per kind per maand betaalt. De rechtbank verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad en wijst overige verzoeken af.
Uitkomst: De rechtbank stelt kinderalimentatie vast vanaf het einde van de WSNP en houdt de behandeling aan om de rechter-commissaris te verzoeken rekening te houden met onderhoudsverplichting.