ECLI:NL:RBZUT:2008:BF0255
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Roessingh
- Hemrica
- Van de Wetering
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen tweede DNA-afname ongegrond verklaard door rechtbank Zutphen
De rechtbank Zutphen heeft op 5 september 2008 uitspraak gedaan over een bezwaarschrift van een veroordeelde tegen een tweede afname van DNA-materiaal. De veroordeelde stelde dat het beginsel nemo debet bis vexari (niet tweemaal vervolgd worden voor hetzelfde feit) werd geschonden, omdat eerder al DNA was afgenomen in verband met dezelfde veroordeling. De rechtbank oordeelde dat dit beginsel hier niet van toepassing is, omdat het hier niet gaat om een strafvervolging maar om een wettelijke verplichting tot DNA-afname.
Daarnaast voerde de verdediging aan dat vanwege de jeugdige leeftijd van de veroordeelde een belangenafweging had moeten plaatsvinden tussen het persoonlijk belang en het maatschappelijk belang. De rechtbank verwierp dit en verwees naar de jurisprudentie van de Hoge Raad, waarin is vastgesteld dat de Wet DNA geen onderscheid maakt tussen meerderjarigen en minderjarigen en slechts beperkte uitzonderingen kent.
Verder stelde de raadsvrouw dat de afname niet volgens de wettelijke waarborgen was verricht, omdat niet duidelijk was of een arts, verpleegkundige of een daartoe aangewezen persoon de afname had gedaan. De rechtbank stelde vast dat de afname was uitgevoerd door een aangewezen opsporingsambtenaar die zich legitimeerde en de veroordeelde de mogelijkheid gaf bezwaar te maken, wat niet gebeurde.
De rechtbank concludeerde dat aan alle wettelijke vereisten was voldaan en verklaarde het bezwaarschrift ongegrond. De beslissing werd genomen door de meervoudige kamer van de rechtbank Zutphen, in aanwezigheid van de griffier en uitgesproken op de openbare terechtzitting.
Uitkomst: Het bezwaarschrift tegen de tweede DNA-afname is ongegrond verklaard door de rechtbank.