ECLI:NL:RBZUT:2005:AT1618
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ontslagbesluit directeur Operations vanwege niet inachtneming opzegtermijn
Eiser was tijdelijk aangesteld als directeur Operations bij een coöperatie die als onderdeel van de openbare dienst wordt beschouwd. Na moeizame samenwerking en organisatorische problemen besloot de werkgever tot ontslag van eiser. Het ontslag werd per 1 juli 2004 uitgesproken, zonder de wettelijk voorgeschreven opzegtermijn van drie maanden in acht te nemen.
De rechtbank oordeelt dat de ontslagbepalingen van artikel 90 BARP Pro van overeenkomstige toepassing zijn op de tijdelijke aanstelling van eiser, omdat deze bepalingen niet expliciet zijn uitgesloten. Hierdoor had het ontslag met een opzegtermijn moeten plaatsvinden. Het besluit tot ontslag per 1 juli 2004 is daarom vernietigbaar.
De rechtbank laat echter de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand met ingang van 1 oktober 2004, de datum waarop de opzegtermijn zou zijn geëindigd. Daarnaast wijst de rechtbank het verzoek om een voorlopige voorziening af en veroordeelt de verweerder tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wordt vernietigd wegens het niet in acht nemen van de opzegtermijn, maar de rechtsgevolgen blijven per 1 oktober 2004 in stand.