ECLI:NL:RBZUT:2003:AL3350
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.A.M. Smulders
- Rechtspraak.nl
Werkloosheidsuitkering geweigerd wegens verwijtbare werkloosheid na verhuizing echtgenoot
Eiseres werkte als logopediste en zegde haar baan op vanwege de verhuizing van haar gezin naar een andere woonplaats, veroorzaakt door een standplaatswijziging van haar echtgenoot. Verweerder weigerde haar een werkloosheidsuitkering toe te kennen omdat zij haar dienstverband beëindigde ruim een maand voor de feitelijke verhuisdatum, wat als verwijtbaar werd beschouwd.
De rechtbank stelt vast dat de verhuizing feitelijk op 19 september 2002 plaatsvond en dat eiseres haar ontslag per 1 augustus 2002 had genomen. Hoewel verweerder een termijn van maximaal één maand tussen ontslag en verhuizing hanteert, erkent de rechtbank dat hiervan kan worden afgeweken in bijzondere omstandigheden.
Eiseres had zich voor haar ontslag geadviseerd met haar werkgever en instanties, maar kreeg wisselende informatie. De rechtbank oordeelt dat haar niet in overwegende mate een verwijt kan worden gemaakt van het te vroeg beëindigen van het dienstverband. Daarom vernietigt de rechtbank het besluit van verweerder, kent zij een WW-uitkering toe met een verlaging van het uitkeringspercentage naar 35% gedurende 26 weken en veroordeelt verweerder in de proceskosten en rentevergoeding.
Daarnaast wordt het bezwaar tegen de weigering van een bovenwettelijke uitkering gegrond verklaard, omdat deze afhankelijk is van de toekenning van de WW-uitkering. Verweerder wordt opgedragen een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: De rechtbank kent een WW-uitkering toe met verlaging naar 35% gedurende 26 weken wegens niet in overwegende mate verwijtbare werkloosheid.