ECLI:NL:RBZLY:2012:BX2456
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Ontbinding koopovereenkomst en uitleg boetebepalingen met bestuurdersaansprakelijkheid
De rechtbank behandelt een kort geding waarin eisers [A], [B] en [C] vorderen dat [D] wordt veroordeeld tot betaling van een voorschot wegens niet-nakoming van twee koopovereenkomsten voor grondpercelen. [D] heeft de overeengekomen aanbetalingen niet voldaan, ondanks ingebrekestelling en sommatie.
De koopovereenkomsten bevatten boetebepalingen die een boete van 10% van de koopsom bij ontbinding en een dagboete van 3 promille bij niet-nakoming voorschrijven. De rechtbank oordeelt dat het bestaan en de omvang van de vordering tot een bedrag van EUR 115.000,- voldoende aannemelijk zijn, maar wijst een hoger voorschot af wegens onduidelijkheid over de uitleg van de boetebepalingen.
Ten aanzien van de bestuurdersaansprakelijkheid van [E], bestuurder en aandeelhouder van [D], oordeelt de rechtbank dat onvoldoende bewijs is geleverd om hem persoonlijk aansprakelijk te stellen. De zaak zal in de bodemprocedure verder worden behandeld. Daarnaast wordt [E] niet-ontvankelijk verklaard in zijn reconventionele vordering wegens schending van het procesreglement.
De rechtbank veroordeelt [D] tot betaling van EUR 31.900,- aan [A] en [B] en EUR 83.100,- aan [C], en veroordeelt [D] in de proceskosten. De vordering jegens [E] wordt afgewezen en hij wordt veroordeeld in de proceskosten van [A c.s.].
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt [D] tot betaling van EUR 115.000,- aan eisers en wijst de vordering jegens bestuurder [E] af wegens onvoldoende bewijs.