ECLI:NL:RBZLY:2009:BH4448
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op uitruil persoonlijke verzorging en huishoudelijke hulp na overheveling AWBZ naar Wmo
Eiseres, een 68-jarige vrouw met diverse medische beperkingen, was op grond van een AWBZ-indicatie tot 16 maart 2010 aangewezen op 6,5 uur huishoudelijke verzorging per week. Haar echtgenoot verleende mantelzorg in de vorm van persoonlijke verzorging, waarbij gebruik werd gemaakt van de mogelijkheid tot uitruil van functies tussen persoonlijke verzorging en huishoudelijke verzorging.
Met de invoering van de Wmo per 1 januari 2007 werd huishoudelijke verzorging overgeheveld van de AWBZ naar de Wmo, waardoor uitruil tussen deze functies niet langer mogelijk is. Na een heronderzoek door een medisch adviseur werd geconcludeerd dat de echtgenoot van eiseres in staat is het huishoudelijk werk te doen, behalve de zware taken, en werd eiseres per 1 juli 2008 voor 3 uur per week huishoudelijke hulp toegekend.
Eiseres betoogde dat haar echtgenoot wegens zijn beperkingen niet in staat is het huishoudelijk werk te verrichten en dat de vermindering van uren zou leiden tot problemen bij haar echtgenoot. De rechtbank oordeelde dat deze stellingen onvoldoende met medische gegevens waren onderbouwd en dat de parlementaire geschiedenis bevestigt dat uitruil niet meer mogelijk is onder de Wmo.
De rechtbank concludeerde dat het feit dat de echtgenoot bijdraagt aan persoonlijke verzorging niet kan leiden tot toekenning van huishoudelijke hulp via uitruil en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard omdat uitruil tussen persoonlijke verzorging en huishoudelijke hulp niet meer mogelijk is onder de Wmo.