ECLI:NL:RBZLY:2006:BA9873
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Th.A. Ariëns
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering bank wegens ontbreken toestemming echtgenote bij hoofdelijke aansprakelijkheid
De Bank verstrekte op 17 april 2003 een kredietuitbreiding van EUR 150.000 aan Ti-Neho BV onder hoofdelijke aansprakelijkheid van [gedaagde A]. Deze uitbreiding moest binnen een maand worden afgelost. De Bank eiste betaling van de openstaande restschuld van [gedaagde A], die zich op grond van BW artikel 1:88 lid 1 onder Pro c verweerde dat hij zonder toestemming van zijn echtgenote geen hoofdelijke aansprakelijkheid kon aanvaarden.
De rechtbank oordeelde dat het hoofdelijke medeschuldenaarschap niet was aangegaan in de normale uitoefening van het bedrijf van [gedaagde A], maar een tijdelijke noodmaatregel betrof. Omdat geen toestemming van de echtgenote was verkregen, was de overeenkomst nietig voor dat gedeelte. Het beroep van de Bank op pauliana werd verworpen.
De rechtbank wees de vordering van de Bank af en veroordeelde de Bank in de proceskosten. De overige verweren van gedaagden behoefden geen bespreking. Het vonnis werd gewezen door mr. Th.A. Ariëns en op 2 augustus 2006 openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van de Bank af wegens ontbreken toestemming echtgenote voor hoofdelijke aansprakelijkheid.