ECLI:NL:RBZLY:2006:AY8785
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WW-uitkering wegens onvoldoende sollicitatieplicht onterecht
Eiser had een WW-uitkering die meerdere malen werd gekort wegens onvoldoende sollicitatieactiviteiten. Verweerder beëindigde de uitkering omdat eiser binnen een jaar voor de vierde keer niet aan de sollicitatieplicht zou hebben voldaan. De rechtbank oordeelt dat verweerder ten onrechte ook overtredingen uit eerdere uitkeringsperioden meerekende, terwijl na het ontstaan van een nieuw recht op uitkering alleen overtredingen binnen die periode relevant zijn.
De rechtbank stelt dat het beleid en de wettelijke systematiek vereisen dat recidive alleen wordt beoordeeld binnen de lopende uitkeringsperiode. Omdat verweerder dit niet juist toepaste, is het besluit ondeugdelijk gemotiveerd en wordt het vernietigd. Verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
De rechtbank veroordeelt verweerder tevens in de proceskosten en wijst het UWV aan als de partij die deze kosten moet vergoeden. Het hoger beroep staat open voor partijen binnen zes weken na verzending van deze uitspraak.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de WW-uitkering wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.