ECLI:NL:RBUTR:2012:BY1967
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling verdachte voor zware mishandeling met hard voorwerp in gezicht
Op 13 maart 2012 heeft verdachte het slachtoffer meerdere malen met een beker of glas in het gezicht geslagen, waardoor het slachtoffer een snijwond in de neus, een snijwond in de bovenlip, twee afgebroken tanden en een litteken heeft opgelopen. De rechtbank acht dit wettig en overtuigend bewezen op basis van verklaringen van het slachtoffer en een getuige, medische stukken en foto’s van het letsel.
De verdediging stelde dat sprake was van een noodweersituatie en betwistte de betrouwbaarheid van de verklaringen, maar dit verweer werd door de rechtbank verworpen. Ook werd het letsel niet als zwaar lichamelijk letsel erkend door de verdediging, maar de rechtbank kwalificeerde dit wel als zodanig, met name vanwege de afgebroken tanden.
Verdachte werd vrijgesproken van het ten laste gelegde feit van bedreiging wegens onvoldoende bewijs. Gezien de ernst van het feit en het strafblad van verdachte, waaronder een eerdere veroordeling voor doodslag, legde de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 147 dagen op, waarbij de tijd in voorarrest werd verrekend.
De rechtbank concludeerde dat geen sprake was van een noodweersituatie en dat verdachte strafbaar is voor zware mishandeling. De strafoplegging hield rekening met de ernst van het feit, de omstandigheden en de persoon van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 147 dagen gevangenisstraf voor zware mishandeling met een hard voorwerp in het gezicht.