ECLI:NL:RBUTR:2011:BW8800
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak medeplichtigheid aan hennepkwekerij wegens onvoldoende bewijs
De rechtbank Utrecht behandelde op 2 december 2011 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het hebben van een hennepkwekerij op 29 juli 2011 te Nieuwegein, dan wel medeplichtigheid daaraan. De officier van justitie baseerde zich op de aanwezigheid van verdachte in de woning en een sms-bericht dat verdachte aan een mededader zou hebben gestuurd na zijn aanhouding.
De verdediging voerde aan dat het bewijs onvoldoende was, met name omdat het gewicht van de hennep niet was vastgesteld en verdachte slechts kort in de woning verbleef zonder betrokkenheid bij de bewerking van de hennepplanten. De rechtbank concludeerde dat verdachte geen enkele betrokkenheid had bij de kwekerij, mede omdat ook de medeverdachte dit bevestigde.
Op basis van het dossier en de verklaringen achtte de rechtbank het primair en subsidiair tenlastegelegde niet wettig en overtuigend bewezen en sprak verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van medeplichtigheid aan de hennepkwekerij wegens onvoldoende bewijs.