ECLI:NL:RBUTR:2011:BU8638
Rechtbank Utrecht
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter-commissaris in getuigenverhoor strafzaak
In een strafzaak bij de rechtbank Utrecht werd een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter-commissaris die een getuigenverhoor leidde. Verzoeker stelde dat de rechter-commissaris onpartijdigheid had geschonden door het getuigenverhoor voort te zetten na zijn vertrek en door het zonder overleg toestaan van een medewerker van Slachtofferhulp bij het verhoor.
De rechtbank oordeelde dat het telefonische wrakingsverzoek niet voldeed aan de formele eisen en pas later schriftelijk werd ingediend. De rechter-commissaris was op het moment van het voorlezen van de verklaring nog niet formeel gewraakt en mocht het verhoor afronden. Tevens was het verlenen van toegang aan een medewerker van Slachtofferhulp toegestaan op grond van artikel 187c Sv zonder overleg met de verdediging.
De rechtbank concludeerde dat er geen feiten of omstandigheden waren die objectief de vrees voor vooringenomenheid rechtvaardigden. De rechter-commissaris had bovendien bevoegd gehandeld door in te grijpen tijdens het verhoor om het welzijn van de getuige te waarborgen. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris wordt afgewezen wegens ontbreken van objectieve aanwijzingen voor vooringenomenheid.