ECLI:NL:RBUTR:2011:BU7613
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens bedrijfseconomische redenen kennelijk onredelijk door niet getroffen pensioenschadevoorziening
De kantonrechter van de Rechtbank Utrecht behandelde een ontslagszaak waarbij eiseres stelde dat haar ontslag kennelijk onredelijk was omdat Willems geen rekening had gehouden met de door haar te lijden pensioenschade.
Willems had het dienstverband beëindigd wegens bedrijfseconomische redenen, namelijk het wegvallen van een grote opdrachtgever en een terugloop in de orderportefeuille. De kantonrechter stelde vast dat Willems geen onjuiste gegevens aan het UWV had verstrekt en dat het afspiegelingsbeginsel niet van toepassing was vanwege de unieke functie van eiseres als beëdigd deurwaarder.
De rechter overwoog dat hoewel het ontslag op zich gerechtvaardigd was, er wel financiële ruimte bij Willems was om een voorziening te treffen. Gezien de persoonlijke omstandigheden van eiseres, die slechts 2,5 jaar verwijderd was van de pensioengerechtigde leeftijd en daardoor een moeilijke positie op de arbeidsmarkt had, was het niet treffen van een voorziening voor pensioenschade kennelijk onredelijk.
Hierdoor werd Willems veroordeeld tot betaling van € 52.423,14 bruto aan pensioenschade en tot vergoeding van proceskosten aan de zijde van eiseres. Het overige werd afgewezen en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het ontslag is kennelijk onredelijk wegens het niet treffen van een voorziening voor pensioenschade, waardoor Willems € 52.423,14 bruto aan eiseres moet betalen.