ECLI:NL:RBUTR:2010:BN8650
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens onrechtmatige daad en toekenning schadevergoeding voor onrechtmatig beslag
In deze civiele zaak stond centraal of gedaagde sub 1 wist of behoorde te weten dat de lading die eiser in opdracht van gedaagde sub 2 van Sevilla naar Nederland vervoerde, drugs bevatte. Eiser stelde dat gedaagde sub 1 onrechtmatig handelde door hem niet te waarschuwen voor het drugstransport. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende bewijs leverde dat gedaagde sub 1 op de hoogte was van het drugstransport. De verklaringen van partijen en getuigen spraken elkaar deels tegen, en de indirecte aanwijzingen waren onvoldoende om de wetenschap van gedaagde sub 1 aan te nemen.
Daarnaast vorderde gedaagde sub 1 in reconventie schadevergoeding wegens het door eiser gelegde conservatoir beslag op (mede)eigendom. De rechtbank stelde vast dat het beslag onrechtmatig was gelegd omdat de vorderingen van eiser in conventie werden afgewezen. Op grond van vaste jurisprudentie werd eiser veroordeeld tot vergoeding van de door gedaagde sub 1 geleden schade door het onrechtmatige beslag.
De rechtbank wees de vorderingen van eiser in conventie af en veroordeelde eiser in de proceskosten. In reconventie werd eiser veroordeeld tot het betalen van schadevergoeding aan gedaagde sub 1, op te maken bij staat, en tevens veroordeeld in de proceskosten. De procedure tegen gedaagde sub 2 B.V. werd geschorst vanwege faillissement.
Uitkomst: Vordering eiser afgewezen; eiser veroordeeld tot schadevergoeding wegens onrechtmatig conservatoir beslag.