ECLI:NL:RBUTR:2009:BK3192
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.J.P. Schotman
- D.A.C. Koster
- Y.A.T. Kruijer
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen handel in cocaïne gedurende lange periode
De rechtbank Utrecht heeft verdachte veroordeeld voor medeplegen van handel in cocaïne, gepleegd van 1 januari 2007 tot en met 13 februari 2009. Verdachte verkocht en verstrekte cocaïne, aanvankelijk alleen en later samen met zijn partner, vanuit verschillende locaties waaronder zijn woning. Diverse getuigen verklaarden dat zij cocaïne van verdachte kochten, en observaties bevestigden frequente bezoekers aan zijn woning.
De tenlastelegging werd deels niet-ontvankelijk verklaard omdat het betrof een onderdeel dat niet verenigbaar was met de geest van artikel 68 Sr Pro. De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte gedurende de gehele periode opzettelijk handelde in strijd met het verbod op handel in cocaïne volgens de Opiumwet. De strafbaarheid werd bevestigd omdat geen omstandigheden waren die deze uitsloten.
De rechtbank legde een gevangenisstraf op van 21 maanden, waarvan 7 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, rekening houdend met de ernst van de feiten, de lange duur van de handel, en het feit dat de handel deels plaatsvond in aanwezigheid van kinderen. De in beslag genomen goederen werden deels verbeurd verklaard en deels teruggegeven. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 21 maanden gevangenisstraf, waarvan 7 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.