ECLI:NL:RBUTR:2009:BI4718
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Verdeling pensioenrechten na echtscheiding volgens Boon-Van Loon arrest
Partijen zijn in 1962 gehuwd onder het Nederlandse huwelijksvermogensrecht en in 1983 gescheiden. De man heeft ouderdoms- en nabestaandenpensioenrechten opgebouwd, de vrouw alleen ouderdomspensioen in Duitsland. De zaak betreft de verdeling van pensioenrechten die tot de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap behoren, waarbij het Boon-Van Loon arrest van de Hoge Raad van toepassing is.
De rechtbank stelt vast dat de waarde van de door de man opgebouwde ouderdoms- en nabestaandenpensioenrechten tot 3 februari 1984 tussen partijen moet worden verdeeld. De vrouw heeft recht op de helft van deze waarde. Ook de vrouw heeft pensioenrechten opgebouwd tot die datum, en de man heeft recht op de helft daarvan. De rechtbank wijst verzoeken van de vrouw af die zien op indexering en aanvullende informatie, omdat deze niet voldoende onderbouwd zijn.
De rechtbank veroordeelt de man tot betaling van een maandelijks bedrag van EUR 115,98 aan de vrouw, zijnde de helft van het bruto ouderdomspensioen dat de man vanaf juli 2008 maandelijks ontvangt. Verdere beslissingen worden aangehouden, onder meer voor nadere gegevens over de Duitse pensioenrechten van de vrouw. Het vonnis is gewezen door rechter M. Ramsaroep op 20 mei 2009.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de man tot betaling van EUR 115,98 per maand aan de vrouw en wijst overige vorderingen deels af.