ECLI:NL:RBUTR:2008:BG3482
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Uitleg vaststellingsovereenkomst en vergunningplicht onder Wet financiële dienstverlening
Partijen sloten een vaststellingsovereenkomst waarbij eiser leads genereerde voor gedaagde tegen betaling. Gedaagde schortte in augustus 2006 de afname op wegens vermeende vergunningsplicht van eiser onder de Wet financiële dienstverlening (Wfd).
De rechtbank beoordeelde of eiser als bemiddelaar onder de Wfd viel. Gelet op de feitelijke werkwijze, waarbij aanvraagformulieren direct bij gedaagde binnenkwamen en eiser geen beschikking had over klantgegevens, oordeelde de rechtbank dat eiser niet als vergunningplichtige financieel dienstverlener fungeerde.
Gedaagde had derhalve onrechtmatig haar afnameplicht opgeschort en is aansprakelijk voor de schade van eiser. De rechtbank wees de vordering tot betaling van openstaande facturen toe en veroordeelde gedaagde tot vergoeding van schade die nader op te maken is. De vorderingen van gedaagde in reconventie werden afgewezen.
Uitkomst: AFAB is veroordeeld tot betaling van openstaande facturen, wettelijke rente en schadevergoeding wegens onrechtmatige opschorting.