ECLI:NL:RBUTR:2008:BC2923
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toepassing Irakees recht bij echtscheiding en toewijzing partneralimentatie en bruidschat
Partijen zijn gehuwd op 25 oktober 2004 en verschillen van mening over het toepasselijke recht op hun echtscheiding, partneralimentatie en huwelijksvermogensregime. De vrouw wijzigde haar verzoek tot toepassing van Irakees recht, terwijl de man stelde dat Nederlands recht van toepassing is vanwege zijn sterke band met Nederland. De rechtbank oordeelt dat de man de sterkste band met Irak heeft en dat Irakees recht van toepassing is.
De vrouw heeft aangifte gedaan van mishandeling en bedreiging door de man, wat door de man niet is betwist. De rechtbank acht de echtscheidingsgrond volgens de Irakese wet bewezen en wijst de echtscheiding toe. Daarnaast oordeelt de rechtbank dat de man de bruidschat van €45.000, die als uitgestelde partneralimentatie wordt gekwalificeerd, moet betalen. De man heeft deze niet betwist, waardoor het verzoek wordt toegewezen.
Ten aanzien van het huwelijksvermogensregime geldt Irakees recht, waarbij geen gemeenschap van goederen ontstaat. De rechtbank wijst verzoeken tot verrekening van belastingteruggaven af wegens onvoldoende onderbouwing. De man wordt als huurder van de echtelijke woning toegewezen, voor zover de huurovereenkomst nog bestaat. De kosten van de procedure worden door partijen ieder voor eigen rekening gedragen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de echtscheiding toe, veroordeelt de man tot betaling van de bruidschat als partneralimentatie en wijst hem toe als huurder van de echtelijke woning.