ECLI:NL:RBUTR:2007:AZ7462
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens geoorloofd onderscheid in zwangerschapsuitkering arbeidsongeschiktheidsverzekering
Eiseres heeft een arbeidsongeschiktheidsverzekering bij Fortis en verzocht om een zwangerschapsuitkering. Fortis weigerde deze uitkering omdat eiseres op de vermoedelijke bevallingsdatum niet minimaal 104 weken verzekerd was, zoals vereist in de polisvoorwaarden. Eiseres stelde dat deze wachttijd een verboden onderscheid naar geslacht vormt in strijd met de Algemene wet gelijke behandeling (AWGB).
De rechtbank analyseerde de polisvoorwaarden en concludeerde dat de zwangerschapsuitkering een aparte voorziening is, los van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, en dat de wachttijd alleen vrouwen treft die onderling worden onderscheiden. Fortis bood deze uitkering als extra voorziening aan vrouwelijke verzekerden aan, wat volgens de rechtbank geen verboden onderscheid inhoudt.
De rechtbank overwoog dat het aanbieden van de verzekering in de uitoefening van een beroep valt onder de AWGB, maar dat het onderscheid in dit geval geoorloofd is. Ook het beroep op jurisprudentie van de Commissie Gelijke Behandeling en Europese richtlijnen werd niet gevolgd vanwege verschillen in feiten en het ontbreken van implementatie van de richtlijn.
Uiteindelijk wees de rechtbank de vordering van eiseres af en veroordeelde haar in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de wachttijd voor zwangerschapsuitkering geen verboden onderscheid naar geslacht vormt en wijst de vordering af.