ECLI:NL:RBUTR:2006:AZ7762
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K. de Waard
- Y. Sneevliet
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering WW-uitkering wegens exploitatie hennepkwekerij en schending inlichtingenplicht
Eiser ontving sinds maart 2003 een WW-uitkering en werd op 1 april 2005 betrapt op het exploiteren van een hennepkwekerij in zijn woning. Verweerder, het UWV, trok daarop de WW-uitkering in vanaf 8 november 2004 en vorderde onverschuldigd betaalde uitkeringen terug. Eiser voerde aan dat hij geen werkzaamheden had verricht en dat het besluit op onvoldoende en onbetrouwbaar onderzoek was gebaseerd.
De rechtbank oordeelde dat de onderzoeksgegevens voldoende waren om te concluderen dat eiser een professionele hennepkwekerij exploiteerde en dat er sprake was van eerdere oogsten. De ontkenningen van eiser werden niet onderbouwd met verifieerbare gegevens. Wel oordeelde de rechtbank dat verweerder onvoldoende concreet onderzoek had gedaan naar het aantal daadwerkelijk gewerkte uren, waardoor het besluit onvoldoende gemotiveerd was.
Daarom werd het besluit tot intrekking en terugvordering vernietigd en verweerder opgedragen binnen zes weken een nieuwe beslissing te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldig en concreet onderzoek bij het vaststellen van het recht op WW-uitkering bij vermoedens van onrechtmatigheden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot intrekking en terugvordering van de WW-uitkering wordt vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing.