ECLI:NL:RBUTR:2006:AY7099
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake huurbetaling door gemeente zonder publiekrechtelijke grondslag
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen een brief van het college van burgemeester en wethouders van een gemeente waarin werd meegedeeld dat de huur van een woning en twee studio's door het college zou worden betaald tot 1 augustus 2006. Verzoeker, met een groot gezin, was verhuisd naar een grotere woning en de meerderjarige kinderen woonden in studio's. De gemeente betaalde de huur uit een apart budget voor niet-humane situaties, zonder dat dit op een verordening of wettelijke regeling was gebaseerd.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de brief van het college geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) was, omdat het geen publiekrechtelijke rechtshandeling betrof maar een niet op publiekrecht gebaseerde gift. Hierdoor was het bezwaar van verzoeker niet ontvankelijk en kon het verzoek om een voorlopige voorziening niet worden toegewezen.
De rechtbank nam ook in aanmerking dat de meerderjarige kinderen inmiddels een verblijfsvergunning hadden en zelf konden voorzien in hun onderhoud. De voorzieningenrechter zag geen aanleiding om de gemeente in de proceskosten te veroordelen en wees het verzoek af.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de huurbetaling geen publiekrechtelijke rechtshandeling is.