ECLI:NL:RBUTR:2006:AY0111
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke beoordeling van weigering openbaarmaking documenten op grond van de Wob
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Justitie waarin zijn bezwaren tegen eerdere besluiten tot gedeeltelijke openbaarmaking van documenten werden afgewezen. Het geschil betrof de weigering van volledige kopieën van documenten en het toepassen van anonimiseringen op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob).
De rechtbank oordeelde dat de Minister onvoldoende had gemotiveerd waarom bepaalde documenten niet openbaar gemaakt konden worden, met name omdat een per-document afweging ontbrak. De rechtbank stelde vast dat de absolute uitzonderingsgrond van artikel 11 Wob Pro restrictief moet worden uitgelegd en dat verwevenheid van feiten en persoonlijke beleidsopvattingen niet zonder nadere motivering tot weigering mag leiden.
Ook de anonimiseringen werden niet consequent toegepast en onvoldoende gemotiveerd, terwijl de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van nabestaanden in dit specifieke geval wel van belang werd geacht. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat de Minister binnen zes weken een nieuw besluit moet nemen, waarbij rekening wordt gehouden met de overwegingen in deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit wordt vernietigd en de Minister wordt opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen.