ECLI:NL:RBSHE:2012:BX0870
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nakoming geldleningsovereenkomst en gevolgen afwikkeling huwelijksgoederengemeenschap
De zaak betreft een geschil over de nakoming van een geldleningsovereenkomst die voortvloeit uit een eerdere mantelovereenkomst tussen eiser en gedaagden. De geldlening werd gesloten na overleg op 6 oktober 2011, waarbij een schuld van €294.339,67 werd erkend. Gedaagden betwistten de hoogte van de vordering en stelden onder meer vernietiging van de overeenkomst wegens dwang en misbruik van omstandigheden.
De rechtbank oordeelt dat de geldleningsovereenkomst rechtsgeldig tot stand is gekomen en dat de mantelovereenkomst en geldlening twee zelfstandige overeenkomsten zijn. Het beroep op dwang en misbruik van bevoegdheid faalt, mede omdat gedaagden de overeenkomst met kennis van zaken heeft ondertekend en er geen sprake is van onrechtmatig handelen door de advocaat van eiser.
Verder wordt het beroep op dwaling verworpen omdat gedaagden als professionele partij geacht wordt zich te hebben geïnformeerd over de inhoud en gevolgen van de overeenkomst. Het beroep op verrekening wordt afgewezen omdat dit niet toekomt aan mede-schuldenaren zonder eigen tegenvordering.
De rechtbank veroordeelt gedaagden hoofdelijk tot betaling van het bedrag van €294.339,67 vermeerderd met contractuele rente van 5% per jaar vanaf 31 oktober 2011, alsmede in beslag- en proceskosten. De vordering tegen de ex-echtgenote wordt afgewezen vanwege inschrijving van de echtscheiding voor het sluiten van de overeenkomst. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van €294.339,67 met 5% rente en kosten.