ECLI:NL:RBSHE:2011:BU5853
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen verschoningsrecht voor huidige echtgenote in alimentatieprocedure tussen ex-echtgenoten
In een alimentatieprocedure tussen een man en zijn ex-echtgenote werd de huidige echtgenote van de man als getuige opgeroepen. Zij deed een beroep op het familiaal verschoningsrecht en weigerde te getuigen. De rechtbank onderzocht of dit beroep gegrond was, waarbij zij artikel 165 en Pro artikel 284 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) centraal stelde.
Artikel 165 Rv Pro geeft een algemeen verschoningsrecht aan (ex-)echtgenoten en familieleden, maar artikel 284 lid 3 Rv Pro bevat een uitzondering voor procedures die betrekking hebben op bepaalde titels van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, waaronder alimentatiezaken. De rechtbank concludeerde dat deze uitzondering niet alleen geldt voor procedures tussen echtgenoten, maar ook voor procedures tussen ex-echtgenoten.
De procedure tussen de man en de vrouw was gebaseerd op titel 17 van Boek 1 BW, waardoor het familiaal verschoningsrecht niet van toepassing is. De rechtbank wees het beroep op verschoningsrecht af en bepaalde dat de getuige in persoon zal verschijnen om te verklaren. Hiermee werd bevestigd dat in alimentatieprocedures tussen ex-echtgenoten de huidige echtgenoot geen verschoningsrecht heeft.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep op het familiaal verschoningsrecht af en bepaalt dat de huidige echtgenote persoonlijk moet getuigen.