ECLI:NL:HR:2003:AF8273
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- O. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verschoningsrecht getuige hoofd Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst
In deze zaak vordert een persoon, hier aangeduid als verweerder 1, dat de Staat onrechtmatig heeft gehandeld door hem jarenlang te onderzoeken. Verweerder 1 roept het hoofd van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (eiser) als getuige op. Eiser verschijnt niet en beroept zich op verschoningsrecht en geheimhouding. De raadsheer-commissaris wijst dit beroep af, waarna eiser cassatie instelt.
De Hoge Raad oordeelt dat het arrest van de raadsheer-commissaris als een eindarrest moet worden beschouwd waartegen beroep mogelijk is. De verplichting tot getuigenis is groot en uitzonderingen daarop beperkt. De Hoge Raad stelt dat eiser niet verplicht kan worden zich in te lezen in dossiers die niet uit eigen wetenschap bekend zijn. Ook is het beroep op geheimhouding en verschoningsrecht relevant.
De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak terug naar het Hof voor verdere behandeling. Tevens worden de proceskosten aan verweerder 1 opgelegd. Hiermee wordt de balans gezocht tussen het belang van waarheidsvinding en het verschoningsrecht van het hoofd van een inlichtingen- en veiligheidsdienst.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest over het verschoningsrecht van het hoofd van de AIVD en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling.