ECLI:NL:RBSHE:2008:BG5861
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening geschorst bouwvergunning wegens twijfel aan bevoegdheid vrijstelling bestemmingsplan
Verzoekster maakte bezwaar tegen een bouwvergunning voor twee woongebouwen met stallingsgarage, verleend door het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven. De vergunning was gebaseerd op een vrijstelling van het bestemmingsplan "Mensfort Rapenland 1996" volgens artikel 19, tweede lid, van de WRO. Verzoekster betwistte de motivering en ruimtelijke onderbouwing van het besluit, met name de strijdigheid met het geldende bestemmingsplan "Woensel buiten de Ring II 2006".
De voorzieningenrechter oordeelde dat het bezwaar en het verzoek om voorlopige voorziening ontvankelijk waren, ook als het bezwaar niet rechtsgeldig namens verzoekster was ingediend, omdat de gemachtigde zelf als belanghebbende kon worden aangemerkt. De rechtbank stelde vast dat het bestreden besluit was gebaseerd op een onjuiste grondslag, omdat het bouwplan strijdig was met het onherroepelijke bestemmingsplan "Woensel buiten de Ring II 2006" dat op dat moment gold.
De rechtbank concludeerde dat het twijfelachtig was of de vrijstelling op grond van artikel 19, tweede lid, WRO terecht was verleend, omdat het project niet binnen de ruimtelijke uitgangspunten van het bestemmingsplan paste. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen en het besluit geschorst tot zes weken na de bekendmaking van het besluit op bezwaar. De reeds aangevangen heiwerkzaamheden mochten worden afgerond. Tevens werd het griffierecht aan verzoekster vergoed.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en het bestreden besluit geschorst tot zes weken na de bekendmaking van het besluit op bezwaar, met uitzondering van het afronden van de heiwerkzaamheden.