ECLI:NL:RBSHE:2007:BA9956
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoek beëindiging periode non-activiteit ambtenaar en toepasselijkheid wettelijke grondslagen
Eiser, werkzaam als projectmedewerker, verzocht om gebruik te maken van een periode van non-activiteit die verweerder had toegekend van 1 januari 2006 tot 1 oktober 2007. Later wenste eiser deze periode voortijdig te beëindigen vanwege gewijzigde pensioenoverzichten die een hogere aanspraak bij doorwerken tot 64 jaar toonden.
Verweerder verklaarde het bezwaar van eiser tegen de non-activiteit niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaartermijn zonder verschoonbare reden. De rechtbank oordeelde dat de gewijzigde wens van eiser geen verschoonbare termijnoverschrijding oplevert en verklaarde dit beroep ongegrond.
Daarnaast weigerde verweerder terug te komen op het besluit van 25 augustus 2004 op grond van artikel 4:6 Awb Pro. De rechtbank oordeelde dat dit onjuist was omdat het verzoek van eiser niet als verzoek tot terugkomen van het besluit kon worden opgevat en verweerder het verzoek had moeten beoordelen op basis van artikel 13b, vierde lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie.
De rechtbank vernietigde daarom het besluit van 20 maart 2007 en beval verweerder een nieuw besluit te nemen binnen zes weken. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eiser.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 4 april 2007 wordt ongegrond verklaard; het beroep tegen het besluit van 20 maart 2007 wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd.