ECLI:NL:RBSHE:2006:AZ5866
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging handhavingsbesluit verwijderen paardenstal en lichtmasten zonder bouwvergunning
Verzoeker had een paardenstal, aanbouw en lichtmasten zonder bouwvergunning op zijn perceel geplaatst. Het college van burgemeester en wethouders van Eersel legde een last op tot verwijdering met dwangsommen bij niet-naleving. Verzoeker maakte bezwaar en stelde dat het gebouw dat verweerder als bijgebouw aanmerkte feitelijk twee zelfstandige woningen bevat en dus niet als bijgebouw kan worden gezien. Tevens voerde hij aan dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden bij de handhaving van lichtmasten.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het gebouw inderdaad niet als bijgebouw kan worden aangemerkt, waardoor de weigering van een bouwvergunning voor de paardenstal niet juist was gemotiveerd. Ook was de motivering omtrent het niet toepassen van het gelijkheidsbeginsel onvoldoende, omdat verweerder niet aannemelijk had gemaakt dat de andere gevallen niet vergelijkbaar waren.
De last tot verwijdering van de paardenstal en lichtmasten werd daarom vernietigd. De last tot verwijdering van de berging bleef gehandhaafd omdat deze als vergunningvrij bouwwerk werd aangemerkt. Het verzoek tot voorlopige voorziening werd afgewezen omdat de termijn voor naleving van de last was verstreken, maar de rechtbank vertrouwde erop dat verweerder niet zou overgaan tot handhaving zolang het bezwaar nog niet was afgedaan.
Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan verzoeker. Partijen werd de mogelijkheid gegeven om hoger beroep in te stellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het besluit tot verwijdering van de paardenstal en lichtmasten wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en onjuiste kwalificatie; de last tot verwijdering van de berging blijft gehandhaafd.