ECLI:NL:RBSHE:2005:AT9086
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bezwaar tegen niet tijdig nemen van besluit naturalisatieaanvraag
Eiser diende op 14 februari 2003 een verzoek om naturalisatie in. Na het niet tijdig nemen van een besluit maakte eiser op 7 mei 2004 bezwaar en verzocht tevens om vergoeding van de kosten. Verweerder verklaarde het bezwaar gegrond, beloofde binnen vier weken te beslissen, maar weigerde de proceskosten te vergoeden. Eiser stelde beroep in tegen deze beslissing.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 6:20 Awb Pro verweerder verplicht blijft een besluit te nemen tenzij bij de beslissing op bezwaar een reëel besluit wordt genomen. In deze zaak nam verweerder bij de beslissing op bezwaar geen reëel besluit, waardoor hij alsnog verplicht was een besluit te nemen. Echter, artikel 7:11 Awb Pro verplicht niet tot het nemen van een nieuw besluit bij de beslissing op bezwaar als het bezwaar niet gericht is tegen een reëel besluit.
Bij besluit van 30 juni 2004 liet verweerder het verzoek om naturalisatie buiten behandeling. De rechtbank oordeelt dat het beroep niet mede gericht is tegen dit besluit en verklaart het beroep ongegrond. Vergoeding van kosten is niet mogelijk omdat geen herroeping van het primaire besluit heeft plaatsgevonden.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de naturalisatieaanvraag wordt ongegrond verklaard.