ECLI:NL:RBSHE:2001:AD4888
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.H.M.C. Schoemaker
- N.M. Spelt
- N.W.A. Stegeman-Kragting
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waarderingsmethodiek subsidie beëindiging varkensbedrijf nabij reservaatsgebied
Eiser, exploitant van een gemengd agrarisch bedrijf met een varkenshouderij, verzocht subsidie voor beëindiging van zijn fokzeugen- en stierenbedrijf gelegen nabij een reservaatsgebied. De minister stelde de subsidiebedragen vast, waaronder een vergoeding voor de sloop van bedrijfsgebouwen en de overdracht van grond aan het Bureau Beheer Landbouwgronden (BBL).
Eiser was het niet eens met de vastgestelde agrarische waarde van de bedrijfsgebouwen en de waarde van de over te dragen grond. Hij liet een contra-taxatie uitvoeren die aanzienlijk hogere waarderingen gaf dan die van de minister. De minister gebruikte de methode van de gecorrigeerde vervangingswaarde voor de gebouwen en de vrije verkoopwaarde voor de grond, gebaseerd op referentiegegevens van transacties in het Dommelgebied.
De rechtbank liet een deskundige onderzoek doen naar de gehanteerde taxatiemethoden. Geconcludeerd werd dat de minister de waardering op redelijke gronden had vastgesteld, mede vanwege het ontbreken van een representatief referentiekader en de incourante aard van de bedrijfsgebouwen. Ook de grondwaarde was volgens de rechtbank passend vastgesteld, rekening houdend met de specifieke kenmerken van de percelen en het toepasselijke peilmoment.
De rechtbank oordeelde dat de minister niet onzorgvuldig had gehandeld, het besluit voldoende was gemotiveerd en dat het beroep ongegrond moest worden verklaard. Proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het besluit van de minister bevestigd.