ECLI:NL:RBSGR:2012:BX9999
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.B. de Vries - van den Heuvel
- B.M.A. Bataille
- L. Beijen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit verblijfsvergunning na tien jaar verblijf met toepassing artikel 3 EVRM
Eiser, die al meer dan tien jaar in Nederland verblijft zonder verblijfsvergunning, verzocht om een verblijfsvergunning op grond van asiel. Verweerder wees het verzoek af, stellende dat artikel 3 EVRM Pro duurzaam uitzetting belemmert, maar dat het onthouden van een verblijfsvergunning niet disproportioneel is. Eiser voerde aan dat het langdurig onthouden van een vergunning disproportioneel is en dat artikel 8 EVRM Pro ten onrechte buiten beschouwing werd gelaten.
De rechtbank oordeelde dat het criterium van duurzaam verblijf volgens vaste jurisprudentie is gesteld op tien jaar en dat disproportionaliteit niet automatisch volgt uit het bereiken van deze termijn. Het beroep op het Handvest van de Grondrechten werd verworpen omdat dit niet van toepassing is in deze procedure. De rechtbank vond het niet onredelijk dat verweerder de situatie van eiser afzette tegen die van anderen die onder artikel 1(F) Vluchtelingenverdrag vallen.
Wel stelde de rechtbank vast dat verweerder ten onrechte had gesteld dat toetsing aan artikel 8 EVRM Pro buiten het beoordelingskader valt. Daarom werd het beroep gegrond verklaard en het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het besluit bleven in stand omdat verweerder de belangen van eiser onder artikel 8 EVRM Pro wel degelijk had betrokken. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot weigering van de verblijfsvergunning wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.