ECLI:NL:RBSGR:2012:BX9284
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid vreemdelingenbewaring op grond van objectieve criteria
Eiseres, van Eritrese nationaliteit, is op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 in bewaring gesteld wegens het vermoeden dat zij zich aan haar verwijdering zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou belemmeren.
De rechtbank beoordeelt of de bewaring in overeenstemming is met de Vreemdelingenwet 2000 en het Vreemdelingenbesluit 2000. Zij verwijst naar een eerdere uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak die het begrip 'risico op onderduiken' uitlegt conform de Terugkeerrichtlijn. De rechtbank volgt deze uitleg en ziet geen reden voor prejudiciële vragen.
De rechtbank overweegt dat de bewaringsgronden in artikel 5.1b Vb 2000 objectief zijn en gebaseerd op feiten die het vertrek uit Nederland kunnen bemoeilijken. De door eiseres aangevoerde voorbeelden, zoals het dragen van een groene jas, worden niet als objectieve gronden erkend.
De rechtbank constateert dat eiseres niet heeft voldaan aan haar vertrekplicht en verplichtingen, niet traceerbaar is, en onvoldoende middelen heeft voor terugreis. Deze feiten vormen samen een voldoende basis voor de bewaring. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.