ECLI:NL:RBSGR:2012:BX6360
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot beslaglegging tot teruglevering onteigende percelen wegens niet-verstreken driejaarstermijn
Stigchel Vastgoed B.V. verzocht de rechtbank om verlof tot het leggen van beslag tot levering van twee percelen die onteigend waren ten behoeve van de Gemeente Den Haag, op grond van artikel 61 van Pro de Onteigeningswet. Stigchel stelde dat de Gemeente na het vonnis van 14 november 2007 geen arbeid aan het werk had verricht gedurende meer dan drie jaar, waardoor zij aanspraak kon maken op teruglevering van de percelen.
De Gemeente voerde gemotiveerd verweer en stelde dat de driejaarstermijn niet was verstreken omdat zij werkzaamheden had verricht om de percelen bouwrijp te maken, waaronder het aanbrengen van damwanden in april-juni 2010. Stigchel betwistte niet dat deze werkzaamheden hadden plaatsgevonden, maar stelde dat deze niet als 'arbeid aan het werk' in de zin van artikel 61 Onteigeningswet Pro konden worden beschouwd.
De rechtbank oordeelde dat onder 'arbeid aan het werk' materiële werkzaamheden worden verstaan die gericht zijn op de totstandkoming van het werk, zoals bevestigd door de Hoge Raad. De werkzaamheden van de Gemeente vielen hieronder, zodat de driejaarstermijn nog niet was verstreken. Hierdoor kon Stigchel zich niet beroepen op het vorderingsrecht tot teruglevering van de percelen. Het verzoek tot verlof tot beslaglegging werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot verlof tot het leggen van beslag tot levering werd afgewezen omdat de driejaarstermijn van stillegging arbeid aan het werk niet was verstreken.