ECLI:NL:RBSGR:2012:BX0356
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wettig en overtuigend bewijs bij overval op juwelier en heling scooter
Op 23 maart 2011 werd juwelierszaak Goudland te Rijswijk overvallen waarbij een grote hoeveelheid sieraden werd weggenomen. Verdachte werd ervan verdacht betrokken te zijn bij deze overval en bij de diefstal en heling van een scooter die als vluchtscooter werd gebruikt. De rechtbank heeft het onderzoek gevoerd op basis van meerdere zittingen en diverse bewijsmiddelen, waaronder camerabeelden en DNA-sporen.
De officier van justitie stelde dat verdachte medeplichtig was aan de overval, onder meer omdat hij op camerabeelden van 22 maart 2011 was herkend en zijn DNA was aangetroffen op de vluchtscooter. De verdediging voerde aan dat de herkenningen niet objectief waren en dat het DNA slechts aangaf dat verdachte ooit in aanraking was geweest met de scooter, maar geen bewijs leverde voor de ten laste gelegde feiten.
De rechtbank oordeelde dat hoewel verdachte op de beelden te zien was en zijn jas overeenkwam met die van de persoon op de beelden, dit niet voldoende bewijs was voor opzet of medeplichtigheid aan de overval. Ook het DNA op de scooter kon niet worden gekoppeld aan het moment van diefstal of overval. Gezien het tijdsverloop en het ontbreken van bewijs voor betrokkenheid bij de diefstal van de scooter, ontbrak wettig en overtuigend bewijs.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten. Tevens werden de vorderingen van de benadeelde partijen tot schadevergoeding niet-ontvankelijk verklaard omdat verdachte was vrijgesproken en geen schadebedrag was ingevuld. De benadeelde partijen werden veroordeeld in de kosten van de verdediging van verdachte, die tot dat moment nihil waren.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs voor betrokkenheid bij overval en heling scooter.