ECLI:NL:RBSGR:2012:BW4402
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing maatregel van vreemdelingenbewaring wegens ontbreken redelijk vooruitzicht op verwijdering
Eiser, van Sierraleoonse nationaliteit, was in vreemdelingenbewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen het voortduren van de bewaring en verzocht tevens om schadevergoeding. Verweerder stelde dat er contacten waren met de Sierraleoonse autoriteiten voor het verkrijgen van een laissez-passer, maar dat eiser vrijwillig wilde terugkeren via de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM).
De rechtbank oordeelde dat vrijwillige terugkeer via de IOM geen uitzetting is zoals bedoeld in de wet en dat het enige verwijderingstraject het vrijwillige vertrek betrof. Nadere informatie van verweerder over overleg met de Sierraleoonse autoriteiten was vaag en onvoldoende concreet om een redelijk vooruitzicht op verwijdering te onderbouwen.
Daarom was de maatregel van bewaring onrechtmatig vanaf de uitspraakdatum en werd deze opgeheven. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen omdat de onrechtmatigheid pas op de dag van de uitspraak ontstond. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: De maatregel van vreemdelingenbewaring wordt opgeheven wegens ontbreken van redelijk vooruitzicht op verwijdering.