ECLI:NL:RBSGR:2012:BV0809
Rechtbank 's-Gravenhage
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek kantonrechter wegens vermeende partijdigheid in betalingsvordering
Op 17 november 2011 vond een comparitie plaats in een zaak waarin een advocatenkantoor betaling vorderde van een cliënt voor verleende werkzaamheden. De advocaat van het kantoor kon door een treinstremming niet tijdig aanwezig zijn en werd telefonisch geïnformeerd dat zij haar standpunt schriftelijk mocht indienen. De gedaagde verscheen later alsnog en gaf aan een betalingsregeling te willen treffen. De kantonrechter informeerde de advocaat hierover telefonisch.
Het advocatenkantoor diende vervolgens een wrakingsverzoek in wegens vermeende partijdigheid van de kantonrechter, onder meer omdat de kantonrechter de gedaagde toeliet en een mening over hem zou hebben gevormd, wat het beginsel van hoor en wederhoor zou schenden. Tevens werd aangevoerd dat de kantonrechter onregelmatigheden beging door kennis te nemen van een processtuk dat volgens het procesreglement niet had mogen worden toegelaten.
De kantonrechter stelde dat zij handelde in het belang van hoor en wederhoor en proceseconomie, en dat beide partijen volledig op de hoogte waren gehouden van elkaars standpunten. De wrakingskamer oordeelde dat er geen zwaarwegende aanwijzingen voor partijdigheid waren en dat de procedurele gang van zaken, hoewel niet ideaal, geen aanleiding gaf tot wraking. Het wrakingsverzoek werd afgewezen en de hoofdzaak werd voortgezet.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter is afgewezen wegens gebrek aan aanwijzingen voor partijdigheid.