ECLI:NL:RBSGR:2011:BV2901
Rechtbank 's-Gravenhage
- Proceskostenveroordeling
- C.G. Meeder
- M.M.F. Holtrop
- G.F. van der Linden-Burgers
- Rechtspraak.nl
Toekenning verblijfsvergunning asiel aan bekeerde christen uit Iran wegens reëel vervolgingsrisico
Eiser, een Iraanse nationaliteitdragende vreemdeling die zich in Nederland heeft bekeerd tot het christendom, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning op grond van vreemdelingenwetgeving. Verweerder wees de aanvraag af wegens het ontbreken van nieuwe feiten en omstandigheden die aanleiding geven tot een andere beschikking.
De rechtbank stelde vast dat het bekeerd zijn tot het christendom een nieuw feit vormt en onderzocht of eiser bij terugkeer in Iran een reëel risico loopt op vervolging. Uit het ambtsbericht Iran 2010 en aanvullende rapporten bleek dat bekeerde christenen in Iran, met name die aangesloten bij evangeliserende kerken en huiskerken, onder toezicht staan, bijeenkomsten buiten kerkgebouwen verboden zijn en arrestaties plaatsvinden.
De rechtbank oordeelde dat deze beperkingen en het risico op arrestatie een daad van vervolging vormen in de zin van het Vluchtelingenverdrag. Verweerder had onvoldoende gemotiveerd dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij vervolging te vrezen had. Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van € 1.311.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende gemotiveerde afwijzing van de asielaanvraag van een bekeerde christen uit Iran.