ECLI:NL:RBSGR:2011:BV0306
Rechtbank 's-Gravenhage
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens vermeende vooringenomenheid meervoudige strafkamer
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de meervoudige strafkamer wegens vermeende vooringenomenheid, omdat de verdediging niet de gevraagde extra pleittijd van een half uur werd toegekend. De wrakingskamer stelt dat het bewaken van de zittingstijd noodzakelijk is, zeker in megazaken, en dat de voorzitter de tijdsafspraken in beginsel wilde handhaven, maar wel enige coulance openhield.
Tijdens de behandeling bleek dat de voorzitter mr. Koppe het woord gaf om het pleidooi voort te zetten, maar mr. Koppe weigerde dit. De wrakingskamer oordeelt dat de weigering om vooraf een toezegging te doen tot 17.30 uur pleiten geen reden is voor vooringenomenheid of de schijn daarvan. Er is geen sprake van een definitieve beslissing die de verdediging in haar rechten zou hebben beknot.
De wrakingskamer benadrukt dat rechters worden vermoed onpartijdig te zijn en dat alleen uitzonderlijke omstandigheden dit vermoeden kunnen doorbreken. De wijze van tijdsbeheer door de voorzitter was rigide, maar niet zodanig dat onpartijdigheid ontbrak. Het wrakingsverzoek wordt daarom afgewezen en het proces wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond ten tijde van het verzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de meervoudige strafkamer wordt afgewezen wegens ontbreken van vooringenomenheid.