ECLI:NL:RBSGR:2011:BU3168
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging verblijfsrecht en ongewenstverklaring gezinslid EU-burger met dubbele nationaliteit
Eiseres, een Kaapverdische vrouw, is gehuwd met een man die zowel de Nederlandse als Italiaanse nationaliteit bezit. Verweerder beëindigde haar verblijfsrecht en verklaarde haar ongewenst vanwege een zware strafrechtelijke veroordeling in Portugal. De rechtbank oordeelt dat verweerder ten onrechte heeft aangenomen dat de echtgenoot geen rechten aan het EU-recht kon ontlenen, terwijl hij vóór naturalisatie in 1998 wel gebruik maakte van zijn recht op vrij verkeer.
De rechtbank volgt het arrest McCarthy van het HvJ EU, dat bepaalt dat de Verblijfsrichtlijn niet van toepassing is op EU-burgers die nooit hun recht op vrij verkeer hebben uitgeoefend en in hun lidstaat van nationaliteit verblijven. Omdat de gezinshereniging plaatsvond nadat de echtgenoot was genaturaliseerd en geen gebruik meer maakte van vrij verkeer, is sprake van een zuivere interne situatie die onder nationaal recht valt.
Hoewel eiseres een strafrechtelijke veroordeling heeft, oordeelt de rechtbank dat de belangenafweging door verweerder zorgvuldig is gemaakt en dat de inmenging in het familie- en gezinsleven gerechtvaardigd is. Het beroep wordt gegrond verklaard wegens een motiveringsgebrek in het bestreden besluit, maar de rechtsgevolgen blijven in stand uit oogpunt van proceseconomie.
De rechtbank veroordeelt verweerder tot vergoeding van de proceskosten en griffierecht. De uitspraak bevestigt dat verblijfsrechten van gezinsleden van EU-burgers met dubbele nationaliteit complex zijn en nauwkeurig moeten worden gemotiveerd, met inachtneming van zowel EU-recht als nationaal recht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens motiveringsgebrek, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.