ECLI:NL:RBSGR:2011:BP8066
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Compensatie voor langdurige vluchtvertraging op basis van EU Verordening 261/2004 bevestigd
De rechtbank 's-Gravenhage heeft op 7 februari 2011 uitspraak gedaan in een zaak tussen EUclaim en ArkeFly over compensatie voor een vlucht die op 23 maart 2008 met circa 33 uur vertraging aankwam op de bestemming Puerto Plata. EUclaim vorderde compensatie op grond van Verordening (EU) nr. 261/2004, welke aanspraak geeft op financiële compensatie bij langdurige vertraging.
De rechtbank volgde het Sturgeon-arrest van het HvJ EU, waarin is bepaald dat passagiers ook bij langdurige vertraging recht hebben op compensatie, tenzij de luchtvaartmaatschappij kan aantonen dat sprake is van buitengewone omstandigheden en dat alle redelijke maatregelen zijn genomen om de vertraging te voorkomen. ArkeFly voerde overmacht aan vanwege meerdere vogelinslagen (birdstrikes) tijdens een eerdere vlucht, waardoor technische problemen ontstonden.
De rechtbank oordeelde echter dat ArkeFly niet heeft bewezen dat zij alle beschikbare middelen heeft ingezet om de vertraging te beperken. Het feit dat gehuurde toestellen niet beschikbaar waren en dat het eigen toestel ook vertraging had opgelopen, kwam voor rekening van ArkeFly. Daarom werd de vordering tot betaling van twee keer €600,- plus wettelijke rente toegewezen. De gevorderde incassokosten werden afgewezen. ArkeFly werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: ArkeFly is veroordeeld tot betaling van €1.200,- compensatie plus wettelijke rente wegens langdurige vluchtvertraging.