ECLI:NL:RBSGR:2010:BO7174
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning wegens onzorgvuldige taalanalyse en onvoldoende motivering
Eiser, een Koerd uit Iran, vroeg in november 2008 een verblijfsvergunning asiel aan, welke op 25 januari 2010 werd afgewezen door verweerder. De afwijzing was gebaseerd op het ontbreken van identiteitsdocumenten en twijfel aan de geloofwaardigheid van zijn relaas en nationaliteit, mede vanwege een taalanalyse die slechts aangaf dat hij 'waarschijnlijk' uit Iran komt.
De rechtbank oordeelt dat de taalanalyse onzorgvuldig tot stand is gekomen omdat de taalanalist onvoldoende deskundig was om het taalgebruik van eiser in relatie tot het Iraanse taalgebied te beoordelen. Verweerder had dit moeten verifiëren en zonodig een andere deskundige moeten inschakelen. Tevens is het besluit onvoldoende gemotiveerd, omdat verweerder niet adequaat is ingegaan op de door eiser aangevoerde bezwaren tegen de twijfel aan zijn nationaliteit.
Daarmee is het bestreden besluit niet zorgvuldig voorbereid en niet draagkrachtig gemotiveerd, in strijd met de artikelen 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het besluit en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van € 874,-.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onzorgvuldige taalanalyse en onvoldoende motivering, met opdracht tot hernieuwde besluitvorming.