ECLI:NL:RBSGR:2010:BO1925
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing maatregel bewaring wegens ontbreken zicht op uitzetting naar Algerije
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, werd op 24 september 2010 de maatregel van bewaring opgelegd op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde dat er geen zicht was op uitzetting naar Algerije, onderbouwd met gegevens over het ontbreken van afgegeven laissez-passers (lp) door Algerijnse autoriteiten in 2010 en het bezit van een kopie van zijn paspoort door verweerder.
Verweerder betoogde dat de nationaliteit pas definitief vastgesteld kan worden door Algerijnse autoriteiten en dat er wel zicht op uitzetting zou zijn, mede vanwege lopende contacten tussen Nederlandse en Algerijnse autoriteiten en eerdere terugkeergevallen. De rechtbank oordeelde dat ondanks deze contacten en verwachtingen van een bezoek in november 2010, er geen concrete aanwijzingen waren dat binnen afzienbare tijd uitzetting zou plaatsvinden.
De rechtbank stelde vast dat de maatregel van bewaring vanaf de oplegging op 24 september 2010 onrechtmatig was omdat het zicht op uitzetting ontbrak. Het beroep werd gegrond verklaard, de maatregel opgeheven per 21 oktober 2010, en aan eiser werd een schadevergoeding toegekend van €2.235,- voor 27 dagen onrechtmatige bewaring. Daarnaast werden proceskosten van €874,- aan eiser toegekend.
Uitkomst: De maatregel van bewaring wordt opgeheven wegens ontbreken van zicht op uitzetting en er wordt schadevergoeding toegekend.