ECLI:NL:RBSGR:2010:BL3893
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling onbetaalde advocatendeclaraties en toepassing artikel 22 Wet op de ondernemingsraden
Eiseres, een advocatenmaatschap, vordert betaling van onbetaalde advocatendeclaraties van in totaal €44.103,59 van gedaagde, een stichting Thuiszorg. Gedaagde betwist de vordering en stelt dat eiseres de tekst en strekking van artikel 22 van Pro de Wet op de ondernemingsraden (WOR) heeft geschonden door vooraf geen duidelijke kostenopgave te doen, waardoor zij niet verplicht zou zijn tot betaling van de volledige declaraties.
De rechtbank oordeelt dat eiseres inderdaad tekort is geschoten in haar informatieplicht conform artikel 22 WOR Pro, omdat zij geen duidelijke en tijdige kostenopgave heeft verstrekt ondanks herhaalde verzoeken van gedaagde. Dit leidde tot onduidelijkheid en een geschil over de redelijkheid en noodzakelijkheid van de kosten.
Desondanks wijst de rechtbank af dat gedaagde helemaal niets hoeft te betalen. De kosten die redelijkerwijs noodzakelijk en redelijk van omvang zijn, dienen vergoed te worden. Gezien de omstandigheden en het gebrek aan nadere onderbouwing door eiseres, stelt de rechtbank het verschuldigde bedrag vast op €22.199,45 inclusief BTW, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank gedaagde tot betaling van een deel van de proceskosten (€1.230,25) en compenseert de griffierechten zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Vanwege het faillissement van gedaagde wordt de uitvoerbaarverklaring bij voorraad afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €22.199,45 plus wettelijke rente en een deel van de proceskosten.