ECLI:NL:RBSGR:2009:BN0539
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek laag bestelautotarief voor gehandicapten wegens ontbreken niet-opvouwbare rolstoel
Eiser verzocht om toepassing van het lage bestelautotarief voor gehandicapten voor zijn bestelauto, omdat hij deze gebruikt voor het vervoer van zijn gehandicapte zoon. De zoon is incontinent en beschikt over een chemisch toilet dat niet permanent in de auto is aangebracht. Verweerder wees het verzoek af omdat niet voldaan werd aan de voorwaarden, waaronder het gelijktijdig vervoer van een niet-opvouwbare rolstoel.
De rechtbank oordeelt dat verweerder het verzoek terecht heeft afgewezen. Uit de stukken en de zitting blijkt dat de zoon geen niet-opvouwbare rolstoel gebruikt en dat de auto niet is ingericht voor gehandicaptenvervoer zoals vereist. Het eerdere verlaagde tarief voor een andere bestelauto geldt niet automatisch voor de huidige auto, mede omdat de toestemming voor het verlaagde tarief expliciet beperkt was tot de vorige auto.
Eiser voerde dat verweerder de beginselen van behoorlijk bestuur, zoals het motiveringsbeginsel, rechtszekerheidsbeginsel, gelijkheidsbeginsel, vertrouwensbeginsel en zorgvuldigheidsbeginsel, heeft geschonden. De rechtbank verwerpt deze klachten omdat de beslissing voldoende is gemotiveerd, eiser op de hoogte was van de voorwaarden en geen gerechtvaardigd vertrouwen kon worden ontleend aan een ander standpunt van verweerder.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door mr. R.C.H.M. Lips op 10 april 2009.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard omdat niet is voldaan aan de voorwaarden voor het lage bestelautotarief voor gehandicapten.