ECLI:NL:RBSGR:2009:BK8340
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- C.C. de Rijke-Maas
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake verstrekking minuten op grond van Wbp
Verzoeker verzocht om afgifte van minuten die ten grondslag liggen aan eerdere besluiten van de Staatssecretaris van Justitie. Verweerder wees het verzoek af op grond van artikel 43, onder e, van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp), stellende dat verstrekking de rechten en vrijheden van ambtenaren zou schaden.
De voorzieningenrechter vond het beroep op artikel 43, onder e, zonder nadere motivering merkwaardig, temeer daar er jarenlang een vaste gedragslijn was waarbij minuten wel aan betrokkenen werden verstrekt. Het was onduidelijk welke rechten en vrijheden thans beschermd moesten worden die dat in het verleden niet waren.
De voorzieningenrechter overwoog dat een voorlopige voorziening slechts kan worden getroffen indien het besluit evident onrechtmatig is en er een spoedeisend belang bestaat. Dit was niet het geval, mede omdat verweerder meerdere afwijzingsgronden kan aanvoeren in bezwaar. Het verzoek tot voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tot inzage in minuten werd afgewezen wegens ontbreken van een evident onrechtmatig besluit en spoedeisend belang.