ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ3173
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S.A.M.L. van den Bosch-van de Sande
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering verlenging verblijfsvergunning voortgezet verblijf alleenstaande minderjarige vreemdelingen
Eisers, twee broers met de Angolese nationaliteit, verbleven sinds 2001 in Nederland en hadden een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking 'alleenstaande minderjarige vreemdeling'. Hun verzoek tot verlenging en wijziging van deze vergunning in verband met voortgezet verblijf werd door verweerder geweigerd op grond dat aan de voorwaarden van artikel 3.51 Vreemdelingenbesluit 2000 niet was voldaan, omdat adequate opvang aanwezig zou zijn in Angola.
De rechtbank oordeelde dat het beleid van verweerder niet onredelijk is, maar dat de motivering onvoldoende is, met name omdat het rapport van Klaverboer en Zijlstra (Rijksuniversiteit Groningen, 2006) niet adequaat is betrokken. Dit rapport beschrijft de psychologische schade die gedwongen terugkeer kan veroorzaken bij kinderen die langer dan vijf jaar in Nederland verblijven.
De rechtbank stelde vast dat eiser sub 1, die zes en een half jaar in Nederland verbleef, en eiser sub 2, eveneens langdurig in Nederland, niet zonder meer konden worden teruggestuurd. Ook werd erkend dat het gezinsleven tussen de broers beschermd wordt door artikel 8 EVRM Pro. Daarom werd de weigering van verlenging en wijziging van de verblijfsvergunningen vernietigd en verweerder opgedragen nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
De rechtbank veroordeelde de Staat tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht. Partijen werd de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geboden.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de weigering van verlenging en wijziging van de verblijfsvergunningen en draagt verweerder op nieuwe besluiten te nemen.