ECLI:NL:RBSGR:2009:BH6935
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.S.G. Jongeneel
- D. Biever
- G.F. van der Linden-Burgers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ongewenstverklaring wegens onhoudbare belangenafweging familie- en gezinsleven
Eiser, van Afghaanse nationaliteit, werd ongewenst verklaard op grond van artikel 67 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 wegens betrokkenheid bij misdrijven als bedoeld in artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag. De rechtbank bevestigt dat eiser terecht verantwoordelijk kan worden gehouden voor deze misdrijven op basis van een ambtsbericht uit 2000 en eerdere uitspraken.
Eiser voerde aan dat het ambtsbericht onbetrouwbaar is en dat hij geen persoonlijke betrokkenheid had bij mensenrechtenschendingen. De rechtbank oordeelt dat de aangevoerde brieven en rapporten geen concrete aanwijzingen bevatten om aan de juistheid van het ambtsbericht te twijfelen en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij een uitzondering vormt.
De rechtbank stelt vast dat het gezinsleven van eiser met zijn echtgenote en kinderen in Nederland bestaat en dat het gezin langdurig in Nederland verblijft, waarbij de kinderen de Nederlandse nationaliteit hebben. Gelet op de onveilige situatie in Afghanistan is er een objectieve belemmering om het gezinsleven daar voort te zetten.
De belangenafweging van verweerder, waarbij de bescherming van de openbare orde zwaarder werd gewogen dan het familie- en gezinsleven in Nederland, wordt door de rechtbank als onhoudbaar beoordeeld. Hierdoor levert de handhaving van de ongewenstverklaring een schending op van artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de ongewenstverklaring en draagt op tot een nieuwe belangenafweging waarbij het gezinsleven zwaarder wordt gewogen.