ECLI:NL:RBSGR:2009:BH5997
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Medeplegen vrijheidsberoving, mishandeling en bedreiging met gedwongen verklaring in zakelijk geschil
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde de zaak waarin verdachte werd beschuldigd van medeplegen van vrijheidsberoving, mishandeling en bedreiging van het slachtoffer, teneinde hem te dwingen verklaringen te ondertekenen die betrekking hadden op bevroren banktegoeden bij de Clariden Bank. Het slachtoffer was onder valse voorwendselen door [Q] naar diens kantoor gelokt, waar verdachte samen met haar echtgenoot en twee anderen het slachtoffer opsloot, mishandelde en bedreigde.
Het bewijs bestond uit verklaringen van het slachtoffer, tapgesprekken waarin verdachte en haar echtgenoot werden herkend, en signalementen die overeenkwamen met verdachte en haar echtgenoot. De rechtbank oordeelde dat verdachte een beperkter rol had dan haar mededaders, maar dat zij medepleger was vanwege haar aanwezigheid en bijdrage aan de bedreigende situatie.
De verdediging voerde onder meer aan dat het slachtoffer zich op zijn bancaire geheimhoudingsplicht kon beroepen, waardoor bepaalde vragen onbeantwoord bleven, en dat er onvoldoende bewijs was voor medeplegen. Ook werd betoogd dat sprake was van inconsistenties in de verklaringen van het slachtoffer. De rechtbank verwierp deze verweren, oordeelde dat het bewijs wettig en overtuigend was en sprak verdachte vrij van voorbedachte rade en het feit dat het slachtoffer gedwongen werd tot afgifte van een goed.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een taakstraf van 240 uur en een gevangenisstraf van zes maanden, waarvan de laatste niet wordt uitgevoerd onder voorwaarde van een proeftijd van twee jaar. De straf werd gemotiveerd door de ernst van de feiten, de persoonlijke omstandigheden van verdachte en haar beperkter rol ten opzichte van medeverdachten.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 240 uur taakstraf en 6 maanden gevangenisstraf, waarvan voorwaardelijk met proeftijd.